Dokkum moet je een keer doen

Vorige zomer ben ik begonnen met mijn tocht langs de Friese elf steden, die ik belicht vanuit Hollands perspectief.  Na de 8 steden die ik heb bezocht, staan er nu nog 3 op mijn lijstje: Franeker, Bolsward en Dokkum. Dan heb ik ze allemaal gehad. Vandaag bezoek ik Dokkum; de laatste doorkomst plaats, vóórdat de finish van de Elfstedentocht wordt bereikt. 

Gratis parkeren

Vanuit mijn woonplaats is het maar een half uurtje rijden naar Dokkum. Maar kom je uit de Randstad dan moet je meer moeite doen. Dokkum is namelijk niet met de trein bereikbaar. Gelukkig is er vanaf Leeuwarden wel een goede busverbinding. Ben je eenmaal gearriveerd dan zul je zien dat het die reis zeker waard is geweest.

Kom je met de auto parkeer die dan op een van deze parkeerterreinen. Op De Helling, De Harddraver, Lutjebleek en ’t Panwurk parkeer je namelijk gratis en wandel je binnen de tien minuten naar het centrum.

plattegrond met parkeerplaatsen in Dokkum

Bolwerken en de historische binnenstad

Het is zondag en ondanks dat de vakanties zijn begonnen is het rustig in Dokkum. Alleen de Jumbo is geopend, voor de rest zijn alle winkels dicht. Omdat er verder niet zoveel te beleven valt, besluit ik een stadswandeling te maken. Gewapend met de Groene stads Wissels wandeling die ik vond op wandelzoekpagina.nl ga ik de Bolwerken en de historische binnenstad verkennen.

De 6 Bolwerken

Vanaf parkeerplaats ’t Panwurk, waar je in de parkeergarage gratis je auto kwijt kunt loop ik naar het “Busstation”; de start van de 5 kilometer lange wandeling. Als ik echter van de parkeerplaats gelijk richting het centrum was gelopen was ik ook op de goede weg geweest. Vanaf daar loop je zo de Aalsumerpoort in.

De brug waar ik overheen loop, was vroeger een ophaalbrug en de ingang van de stad en daar is een verhaal aan verbonden.

Om tien voor tien in de avond, luidde de beiaardier de klok van de Grote Kerk en stond de poortsluiter klaar om de brug op te halen. De mensen die zich dan nog buiten de poort bevonden, wisten dat zij nog tien minuten hadden om zich naar de binnenstad te haasten. Waren zij te laat, dan kwamen ze alleen nog tegen betaling de stad binnen. De klok van de Grote Kerk werd zodoende ook wel de ‘poortklok’ of het ‘meiden-klokje’ genoemd. De laatste term moge duidelijk zijn: ook de meisjes die voor tien uur nog buiten de stad vertoefden, hadden baat bij de beier. Nog altijd luidt de klok, tien minuten voor tien ’s avonds. De meisjes kunnen nu echter – over deze vaste brug – zo laat thuis komen als zij zelf wensen…

Ik sla rechts af  en ontdek het Noorderbolwerk, de eerste van de zes bolwerken. Omdat ik thuis heb opgezocht wat een bolwerk is weet ik dat dit een uitbouw is in de verdedigingswal, vanaf waar de vijand kon worden beschoten.  Maar tegenwoordig zijn het vaak kleine parkjes met bankjes of speelplekken voor kinderen. Met dank aan Wikipedia, waar je nog meer wetenswaardigheden over Dokkum kunt vinden.

Ik passeer het Parksterbolwerk en aan het eind van het Westerbolwerk zie ik molen Zeldenrust. Een molen uit 1862. Als ik doorloop zie ik aan het Baantjebolwerk molen De Hoop (1848).  De twee korenmolens uit de 19e eeuw zijn nog altijd in bedrijf. In molen de Hoop is een dierenspeciaalzaak gevestigd. Daarnaast kun je er ambachtelijke “molenproducten” kopen. Als de molen draait is hij vrij te bezichtigen

Molen Zeldenrust
Molen Zeldenrust (1862) staat aan het eind van het Westerbolwerk

Vanaf hier heb je trouwens een mooi uitzicht over Het Kleindiep, bekend als keerpunt voor de schaatsers van de Elfstedentocht. De schaatsers moeten onder de Bontebrug door om hun stempel te halen. Daarna moeten zij nog zo’n 25 kilometer afleggen voordat zij in Leeuwarden kunnen finishen.

Het keerpunt voor de schaatsers van de Elfstedentocht. Die dan nog zo’n 25 kilometer moeten afleggen.

Het Zuiderbolwerk

Het volgende bolwerk is het Zuiderbolwerk waarna ik een flink stuk langs de Singel loop. Ik geniet van de prachtige gebouwen aan de kant van het water en de schepen die liggen aangemeerd. Daarnaast valt het mij op dat er nauwelijks auto’s rijden. Is Dokkum een auto-luwe stad. Of heeft dat met de zondag te maken?

Bij huisnummer 103 sla ik rechtsaf en sta ik oog in oog met een oude begraafplaats. Op deze begraafplaats aan het Zuiderbolwerk is het graf van de Nederlandse dichter Kamphuizen te vinden. Ik heb nog nooit van deze dichter gehoord. Maar het schijnt dat hij in 1619 wegens zijn remonstrantse denkbeelden, uit Gorinchem is verbannen en na omzwervingen uiteindelijk in Dokkum terecht kwam. Daar stierf hij op 9 juli 1627.

Dit is niet het graf van de dichter Kamphuizen, maar een van de grafzerken op de oude begraafplaats aan het Zuiderbolwerk

De historische Binnenstad

Na een bezoek aan de begraafplaats, loop ik  richting de Halvemaanspoort. Vanwege van het bevaarbaar maken van de Súd wordt de Halvemaanspoortbrug uit 1952,  30 centimeter opgehoogd. Ondanks deze stadsvernieuwing is het karakteristieke van het oude centrum goed bewaard gebleven. De eeuwen oude gebouwen zijn vakkundig gerenoveerd en de idyllische oude bruggetjes zijn fraai versierd met prachtige bloembakken.

idyllische oude brug, fraai versierd met prachtige bloembakken.

Ik passeer het oude Stadhuis, De Waag en loop langs het Dokkumer Grootdiep, één van de grote wateren van de stad waar nogal wat terrassen zijn. Bevolkt door toeristen die hun boten (zeg maar jachten) in de naburige wateren hebben liggen. Ik sla een van de  smalle straatjes in, en beland bij de Grote kerk ook wel Sint Martinuskerk genoemd. Helaas is de kerk op zondag gesloten. Hij  is alleen op woensdag en zaterdag open voor publiek. Dat is jammer, ik had graag even binnen gekeken.

Beelden bij de Grote kerk ook wel Sint Martinuskerk genoemd

Mam is de weg kwijt

Als ik vervolgens mijn beschrijving pak zie ik dat ik behoorlijk van mijn route ben afgeweken. Ik heb de Zoutsteeg, De Zijl, Suupmarkt en Nauwstraat gepasseerd maar vanaf welke kant: ik heb geen flauw idee. Op het plein tegenover de Sint Martinuskerk staat gelukkig een wegwijzer met daarop een verwijzing naar het busstation. Omdat dát ook het beginpunt van mijn wandeling is loop ik die richting op.

Droggersbrugje, een vaste brug over het Kleindiep.
Ik passeer het Droggersbrugje en snel daarna zie ik het Noorderbolwerk, waarmee ik de route ben begonnen. Ik loop over de Aalsumerpoortbrug en herken de weg naar het busstation. Vanaf daar is het nog een paar minuten naar mijn auto die in de parkeergarage staat.
Het was leuk om als toerist mijn eigen provincie te ontdekken, zeker met behulp van deze gratis stadswandeling is dat heel goed te doen. Hetzelfde geldt voor Dokkum. Want Dokkum moet je gewoon een keertje DOEN.

 

10 Reacties

  1. Het verbaast mij altijd dat er ieder jaar weer massa’s mensen urenlange files in de zomerhitte trotseren om hun vakantie te vieren in landen zoals Frankrijk en Italië. En dat terwijl Nederland ook zoveel mooie plekjes te bieden heeft. Ik ben zelf jaren geleden in Friesland geweest, lijkt me leuk om nog een keer naartoe te gaan

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*